Wie door de Achterhoek rijdt, kan niet om de imposante verschijning van Huis Bergh heen. Het kasteel is een monument van nationale allure, maar het voortbestaan ervan is niet altijd vanzelfsprekend geweest. In een openhartig gesprek vertelt directeur Floris de Gelder over de rol die nalatenschappen en schenkingen spelen als fundament van het kasteel in het verleden, maar ook hoe de organisatie hiermee vandaag de dag omgaat.

De geschiedenis van Huis Bergh gaat terug tot de 12e eeuw, waarna het uitgroeide tot een van de grootste kastelen van Nederland en de stamszetel werd van de machtige graven Van den Bergh. Toch danken het kasteel en de bijbehorende kunstcollectie hun huidige bestaan aan één cruciaal moment in de geschiedenis.

Aan het begin van de 20e eeuw verkeerde het complex in verval. In 1912 werd het aangekocht door de Enschedese textielindustrieel Jan Herman van Heek, een gepassioneerd verzamelaar met een voorliefde voor middeleeuwse kunst. Zijn visie was niet enkel het bezitten van een monument, maar het behouden ervan voor de gemeenschap. Hij bracht het complex onder in een stichting; hiermee is het kasteel, inclusief de museale collectie, in de kern het gevolg van een nalatenschap. Van Heek was overigens ook voor andere erfgoedlocaties een belangrijk mecenas: hij richtte het Rijksmuseum Twenthe op en speelde een cruciale rol bij de wederopbouw van Kasteel Doornenburg na de Tweede Wereldoorlog.

Vandaag de dag bewaakt directeur Floris de Gelder het voortbestaan van Huis Bergh. In een gesprek over de betekenis van nalatenschappen en schenkingen aan het kasteelmuseum benadrukt hij dat de basis van het kasteel solide moet zijn, maar dat je met giften wel wensen voor de toekomst kunt inkleuren. "De verhouding tussen gever en ontvanger moet echter altijd gelijkwaardig zijn."

Een testament als moreel kompas

Omdat Huis Bergh zelf is gevormd door een legaat, is het testament van de oprichter nog altijd de dagelijkse leidraad. Boven het bureau van De Gelder hangt een afschrift van dit document. "Van Heek heeft heel strakke wensen geformuleerd," vertelt De Gelder. De oprichter koos voor een sobere, bijna calvinistische benadering: de inrichting moest middeleeuws blijven, wars van moderne luxe. Deze visie bepaalt nog steeds wat ‘waardig’ is voor het kasteel bij de afweging om schenkingen te accepteren. Het dwingt de organisatie om niet simpelweg bezit te beheren, maar een morele visie te bewaken.

Huis Bergh is daarom uiterst selectief in wat het aaneemt. Omdat het een geregistreerd museum is, brengt een schenking die in de collectie wordt opgenomen eeuwigdurende zorgplichten met zich mee. "Je moet eerlijk durven zijn," stelt De Gelder. Een object dat niet de museale kwaliteit heeft, kan op de lange termijn een last worden door de kosten voor onderhoud en opslag. Daarom is eerlijkheid naar de schenker toe het belangrijkste. Het museum wil de generositeit van schenkers eren door glashelder te zijn over wat er wel en niet met een object gaat gebeuren.

Om toch recht te doen aan de gever, hanteert het kasteel soms creatieve tussenwegen. Recentelijk ontvingen ze een schilderij van een Duitse verzamelaar en een kopergravure van een veldslag uit de Tachtigjarige Oorlog. Beide pasten niet direct in de kerncollectie van Van Heek, maar vertellen wel een verhaal dat relevant is voor de plek. Door deze stukken niet formeel in de collectie op te nemen, maar bijvoorbeeld te gebruiken als decoratie in de Bed & Breakfast-kamers of ter aankleding van nieuwe expositieruimtes, krijgen ze een eervolle plek zonder de organisatie juridisch of financieel te belasten.
Hierdoor blijft het kasteel soeverein in zijn collectiebeheer, terwijl de gever weet dat het stuk een eervolle bestemming krijgt.

Binding als belangrijkste drijfveer

Op de vraag waarom mensen vandaag de dag hun bezit nalaten aan het kasteel, antwoord De Gelder dat dat zelden een verlangen is naar onsterfelijkheid. "De belangrijkste reden is binding met de plek. Het zijn vaak mensen uit de directe omgeving of ondernemers die zich emotioneel verbonden voelen met Huis Bergh." Of het nu gaat om kapitaal of een specifiek object, de schenker vertrouwt erop dat het kasteel er iets verstandigs mee doet. Die gunfactor is de basis, maar vraagt om een professionele en eerlijke houding van de ontvanger.

Soms komen nalatenschappen uit onverwachte hoek. De Gelder deelt een voorbeeld van een recent legaat van iemand die geen directe band met de organisatie leek te hebben. Na onderzoek bleek de schenker actief te zijn geweest in de archiefwereld. Huis Bergh beheert een archief dat sinds 1227 helemaal compleet is en is daarmee een van de meest bijzondere archieven van Nederland. Maar dit onderdeel was nooit expliciet ‘in de etalage’ gezet door de organisatie. Hoewel het verkregen bedrag niet geoormerkt was, leek het de organisatie toch mooi om dit ten goede te laten komen aan het instandhouden van hun unieke archief.

Dergelijke onvoorziene giften zijn een herinnering aan het belang van generiek bewustzijn. Hoewel Huis Bergh geen exploitatiesubsidie ontvangt en dus afhankelijk is van particuliere steun, blijft de integriteit van de organisatie voorop staan. "De verhouding moet helder blijven," besluit De Gelder. "Wij zijn het goede doel, en de schenker vertrouwt erop dat we daar verstandige en integere keuzes in maken".

Geen exploitatie, maar inzet op wensen

Een opvallend punt in de bedrijfsvoering van Huis Bergh is dat nalatenschappen nooit worden opgenomen als vaste post in de begroting. "Dat zou geen gezonde bedrijfsvoering zijn," stelt De Gelder nuchter. "Je moet het als organisatie in de basis zonder kunnen redden. We anticiperen er niet bewust op in onze dagelijkse exploitatie."

Dat betekent echter niet dat er geen plannen zijn. Schenkingen en legaten worden juist ingezet voor projecten die anders onbereikbaar zouden blijven. Denk aan het terugbrengen van de kasteeltuinen in hun oorspronkelijke staat of het aankopen van unieke collectiestukken die de museale collectie versterken. Ook verduurzaming is hierin een thema: "Zolang een gift bijdraagt aan het voortbestaan van het monumentale casco of de collectie, kan het ook in duurzame oplossingen worden gestoken. Maar nooit in de lopende exploitatie; het moet echt iets toevoegen aan de toekomst van het geheel."

Soevereiniteit en gelijkwaardigheid

Hoewel nalatenschappen een organisatie vaak 'overkomen', erkent De Gelder dat Huis Bergh nog stappen kan zetten in legacy fundraising. "We zouden daar actiever in kunnen zijn. Het is niet iets waar je je voor hoeft te schamen; je biedt mensen de kans om onderdeel te worden van een langetermijnvisie."

De Gelder benadrukt dat een goed doel altijd soeverein moet blijven. Het kasteel moet eerlijk zijn over wat er met een schenking gebeurt. "Soms kiezen we ervoor een object wel aan te nemen, maar niet in de kerncollectie te voegen en daarmee dus te tonen in het museum. Door daar transparant over te zijn, behoud je de integriteit van zowel de gever als de ontvanger."

Als Jan Herman van Heek vandaag door de zalen zou lopen, zou hij een organisatie aantreffen die nog precies zo onverzettelijk en integer is als hijzelf. De essentie — de sobere uitstraling en de focus op behoud — is na ruim honderd jaar onveranderd. "Onze kracht ligt in die gelijkwaardige verhouding met onze schenkers," besluit De Gelder. "We bewaken de nalatenschap met de eerlijkheid en onafhankelijkheid die Van Heek destijds voor ogen had. Dat is de enige manier om moreel bewust en waardig de toekomst tegemoet te gaan."

Meer over Huis Bergh

Wie het kasteel bezoekt, treft een levendig museum aan waar de erfenis van Van Heek tastbaar is. Bezoekers kunnen dwalen door de statige zalen vol vroege Italiaanse schilderkunst, middeleeuwse handschriften en indrukwekkende portretten. Naast de kunstcollectie biedt het kasteel een breed scala aan activiteiten: van een wandeling door de herstelde historische tuinen tot een klim in de verdedigingstoren voor een weids uitzicht over het grensgebied. Voor wie langer wil blijven, is er de mogelijkheid om te overnachten in de oorspronkelijke verdedigingstorens op de voorburcht.